ECLI:NL:GHSHE:2009:BI9620
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- P.A.M. Hendriks
- G.D. Noordijk
- M. Malsch
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid in beklag wegens voorwaardelijke sepot en uitleveringsverzoek
Op 14 juli 2008 werd een in België gestolen vrachtauto aangetroffen in Eindhoven, waarbij klager op heterdaad werd aangehouden. De officier van justitie besloot de zaak voorwaardelijk te seponeren met bijzondere voorwaarden, waaronder het toestaan van uitlevering aan België.
Klager diende een klaagschrift in bij het hof met het verzoek tot vervolging in Nederland, kennelijk om uitlevering aan België te voorkomen. Het hof oordeelde dat de procedure van artikel 12 Sv Pro slechts in uitzonderlijke gevallen openstaat voor een verdachte die zelf vervolging wenst, en dat klager geen direct belang heeft in de zin van dit artikel.
Daarom werd klager kennelijk niet-ontvankelijk verklaard in zijn beklag. Het hof zag af van het horen van klager en ging niet in op de inhoudelijke vraag over de wettelijke basis van het voorwaardelijk sepot. Het beklag werd op deze grond afgewezen.
Uitkomst: Klager werd niet-ontvankelijk verklaard in zijn beklag tegen het niet vervolgen van de strafzaak.