ECLI:NL:GHSHE:2009:BK6186
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Aarts
- Venner-Lijten
- Walsteijn
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake kennelijk onredelijk ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid
De zaak betreft het hoger beroep van een werknemer die na ruim drie jaar arbeidsongeschiktheid door zijn werkgever is ontslagen. De werknemer vorderde in eerste aanleg een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, nadat eerdere vorderingen tot re-integratie waren afgewezen.
Het hof oordeelde dat het gezag van gewijsde van eerdere vonnissen slechts betrekking had op re-integratie en niet op de vordering tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag. Hoewel de CWI onzorgvuldig handelde door het verweer van de werknemer niet adequaat te bespreken, leidde dit niet tot de conclusie dat het ontslag kennelijk onredelijk was.
Het hof stelde vast dat de werkgever voldoende inspanningen had verricht voor interne re-integratie en bereid was tot externe re-integratie, maar de werknemer hier geen heil in zag. Ook het belang van de werkgever bij het ontslag na langdurige arbeidsongeschiktheid woog zwaar. De bezwaren van de werknemer over procedurele aspecten en een latere vacature werden verworpen.
Uiteindelijk werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd en de vorderingen van de werknemer afgewezen, met veroordeling in de proceskosten.
Uitkomst: Het gerechtshof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de vorderingen tot schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag af.