ECLI:NL:GHSHE:2009:BL1117
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Meulenbroek
- Den Hartog Jager
- Rechtspraak.nl
Berekening legitimaire massa en waardering legaat bij nalatenschap met belastinglatenties
In deze civiele zaak tussen zoon en dochter over de nalatenschap van hun overleden vader staat de berekening van de legitimaire massa centraal, met name de vraag of een legaat aan de partner van de overledene als schuld moet worden meegenomen. De rechtbank had geoordeeld dat dit legaat in aanmerking moet worden genomen, hetgeen het hof bevestigt. Daarnaast is er discussie over de waardering van belastinglatenties (vennootschapsbelasting en aanmerkelijk belang) die van invloed zijn op de waarde van het aandelenpakket.
Zoon vordert betaling van een bedrag wegens zijn legitieme portie, vermeerderd met wettelijke rente. De dochter betwist dit en stelt hogere percentages voor de belastinglatenties voor, wat leidt tot benoeming van een deskundige door het hof om hierover advies uit te brengen. Het hof oordeelt dat het legaat een schuld uit natuurlijke verbintenis betreft die bij de berekening van de legitimaire massa moet worden betrokken, ook al was deze schuld tijdens het leven van de erflater niet afdwingbaar.
Verder wordt vastgesteld dat wettelijke rente vanaf 1 december 2005 verschuldigd is, omdat verzuim eerst na ingebrekestelling intreedt. De zaak wordt aangehouden voor nadere processtukken en deskundigenrapportage, waarna verdere beslissing zal volgen.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden voor nadere processtukken en deskundigenrapportage over waardering belastinglatenties; wettelijke rente wordt toegewezen vanaf 1 december 2005.