ECLI:NL:GHSHE:2009:BQ7301

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
13 oktober 2009
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
HD 200.038.269 T
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
  • Brandenburg
  • Keizer
  • van der Putt-Lauwers
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vergunning comparitie ter beproeving minnelijke regeling in civiele geschil

In deze civiele zaak tussen appellant [X.] en geïntimeerde Stichting Cultuurcentrum Asta heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch bij arrest van 13 oktober 2009 besloten een comparitie van partijen te gelasten. Het doel van deze comparitie is het beproeven van een minnelijke regeling of doorverwijzing naar mediation, alsmede het uitwisselen van informatie en het geven van eventuele instructies.

De comparitie is gepland op 7 december 2009 om 10.00 uur in het Paleis van Justitie te 's-Hertogenbosch, onder leiding van raadsheer-commissaris mr. A.E.M. van der Putt-Lauwers. Partijen dienen persoonlijk of vertegenwoordigd te verschijnen door een daartoe bevoegde persoon. Tevens is bepaald dat de advocaat van appellant uiterlijk 27 oktober 2009 een kopie van het volledige procesdossier zal overleggen.

Het hof verwijst voor nadere informatie over de comparitie naar de website van het gerechtshof. Tijdens de comparitie zal geen gelegenheid worden geboden tot pleiten, dat wil zeggen het juridisch beargumenteren van de zaak aan de hand van een pleitnotitie. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

Uitkomst: Comparitie gelast voor beproeving minnelijke regeling, verdere beslissing aangehouden.

Uitspraak

HD 200.038.269
ARREST VAN HET GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH,
sector civiel recht,
vierde kamer, van 13 oktober 2009,
gewezen in de zaak van:
[X.],
wonende te [woonplaats],
appellant,
advocaat: mr. R.W.E.J. Luijten,
tegen:
STICHTING CULTUURCENTRUM ASTA,
gevestigd te [vestigingsplaats],
geïntimeerde,
advocaat: mr. Ph.C.M. van der Ven,
op het hoger beroep van het door de rechtbank Maastricht, sector kanton, locatie Sittard-Geleen gewezen vonnis van 10 juni 2009 tussen appellant – [X.] - als eiser en geïntimeerde – Asta - als gedaagde.
1. Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnr. 198881/ CV EXPL 05-2440)
Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.
2. Het geding in hoger beroep
2.1. [X.] heeft bij exploot van 17 juli 2009 aangezegd van genoemd vonnis in hoger beroep te komen met dagvaarding van Asta voor dit hof.
2.2. Ter rolle van 1 september 2009 is de zaak aangebracht en is Asta bij advocaat verschenen.
3. De beoordeling
3.1. Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het beproeven van een minnelijke regeling of de doorwijzing naar mediation. Voorts kan de comparitie worden benut om informatie uit te wisselen en om eventuele instructies met betrekking tot de zaak te geven.
Het hof verwijst voor nadere algemene informatie over de comparitie naar www.rechtspraak.nl (deelsite Gerechtshof 's-Hertogenbosch, onder het kopje ‘voor juristen’).
3.2. De geplande duur van de zitting is anderhalf uur.
Ter comparitie zal niet de gelegenheid worden geboden om te pleiten. Hieronder wordt verstaan het juridisch beargumenteren van de zaak al dan niet aan de hand van een voorbereide, uitgeschreven pleitnotitie.
3.3. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.
4. De uitspraak
Het hof:
bepaalt dat partijen op 7 december 2009 te 10.00 uur in persoon dan wel deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, zullen verschijnen voor mr. A.E.M. van der Putt-Lauwers als raadsheer-commissaris, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3.1. vermelde doeleinden;
bepaalt dat de advocaat van [X.] uiterlijk 27 oktober 2009 een kopie van het volledige procesdossier zal overleggen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. Brandenburg, Keizer en van der Putt-Lauwers en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 13 oktober 2009.