ECLI:NL:GHSHE:2010:BK9397
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Bod
- Smeenk-Van der Weijden
- Waaijers
- Rechtspraak.nl
Geschil over exit-sommen bij groepsgewijze beëindiging pensioendeelname OAC
De Stichting Onderwijsadviescentrum Twente (OAC) voerde hoger beroep tegen besluiten van het ABP en het VUT-fonds die exit-sommen in rekening brachten wegens het vertrek van zeven werknemers naar DICT BV, waarbij de pensioen- en VUT-deelname werd beëindigd.
Het geschil betrof de uitleg van artikel 4 lid 6 van Pro de statuten van het ABP en artikel 5 van Pro de Regeling ingevolge de Wet kaderregeling vut overheidspersoneel. Het ABP stelde dat sprake was van groepsgewijze beëindiging van pensioendeelname, terwijl het VUT-fonds een vergoeding in rekening bracht wegens vermindering van het arbeidsvolume.
De kantonrechter wees de vorderingen van OAC af, maar het hof oordeelde dat het VUT-fonds onvoldoende had onderbouwd dat de situatie van het vertrek van zeven werknemers wezenlijk niet verschilde van het ophouden te bestaan van de instelling, zoals vereist in artikel 5 van Pro de Regeling. Daarom werd het vonnis vernietigd en het VUT-fonds veroordeeld tot terugbetaling van € 61.346,- vermeerderd met wettelijke rente.
De grieven tegen het standpunt van het ABP faalden, zodat de exit-som op grond van artikel 4 lid 6 statuten Pro ABP terecht was opgelegd. De kosten van het geding werden tussen partijen gecompenseerd.
Uitkomst: Het hof veroordeelt het VUT-fonds tot terugbetaling van € 61.346,- met rente en wijst de vordering tegen ABP af.