ECLI:NL:GHSHE:2010:BM0058
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs toediening diazepam aan kind
In deze strafzaak stond de vraag centraal of verdachte haar jonge dochter diazepam had toegediend in het weekend van 19 tot 22 januari 2008. Het slachtoffer werd op 20 januari 2008 opgenomen in het ziekenhuis met symptomen die mogelijk verband hielden met diazepamgebruik. Onderzoek toonde aan dat het bloedmonster van het kind diazepam bevatte. In de woning van verdachte werden klysma-ampullen met diazepam gevonden, waarvan DNA-sporen werden onderzocht.
Het DNA-onderzoek toonde aan dat op de aangetroffen ampullen meerdere personen hun DNA hadden achtergelaten, waaronder het slachtoffer, verdachte en anderen, maar het was niet mogelijk om met zekerheid vast te stellen wie de diazepam had toegediend. Verdachte ontkende steeds de toediening en er was geen direct bewijs dat zij dit had gedaan. Bovendien waren er meerdere personen aanwezig in de woning in de betreffende periode.
Het hof concludeerde dat het bewijs onvoldoende was om verdachte als dader aan te wijzen buiten redelijke twijfel. Zowel de officier van justitie als de verdediging hadden vrijspraak gevorderd. Het hof bevestigde het vonnis van de rechtbank dat verdachte vrijsprak, met een nadere motivering van de gronden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat zij diazepam aan haar dochter heeft toegediend.