ECLI:NL:GHSHE:2010:BM1460
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Beekhoven van den Boezem
- Van Harinxma thoe Slooten
- Groenewald
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat exequatur betekening vereist is voor verbeurte dwangsommen na arbitraal vonnis
In deze civiele zaak stond centraal de vraag of voor verbeurte van dwangsommen op basis van een arbitraal vonnis betekening van het exequatur vereist is. [X.] B.V. had in opdracht van [Y.] aannemingswerkzaamheden verricht, waarna een geschil ontstond dat werd voorgelegd aan het Arbitrage-Instituut Bouwkunst. Bij arbitraal vonnis werd [X.] veroordeeld tot uitvoering van bepaalde werkzaamheden binnen 100 werkdagen, met een dwangsom bij verzuim.
Na betekening van het arbitraal vonnis en verlening van exequatur door de voorzieningenrechter, ontstond discussie over de verbeurte van dwangsommen. [Y.] legde beslag op eigendommen van [X.] en vorderde betaling van dwangsommen, terwijl [X.] stelde dat de dwangsommen niet verbeurd waren omdat het exequatur niet tijdig was betekend.
Het hof oordeelde dat voor verbeurte van dwangsommen betekening van het exequatur vereist is, conform artikel 1062 Rv Pro en jurisprudentie van het Beneluxgerechtshof. Hoewel het exequatur pas op 8 september 2009 werd betekend, was het aannemelijk dat het maximum bedrag aan dwangsommen inmiddels was verbeurd. Wel werd geoordeeld dat de rente over het bedrag onterecht vanaf 24 oktober 2005 was berekend en dat proceskosten in eerste aanleg gecompenseerd moesten worden. De vordering tot terugbetaling van rente en proceskosten werd daarom gedeeltelijk toegewezen, terwijl de rest werd afgewezen.
Uitkomst: Betekening van het exequatur is vereist voor verbeurte van dwangsommen; gedeeltelijke terugbetaling van rente en proceskosten toegewezen.