ECLI:NL:GHSHE:2010:BM3524
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.J.M. Bongaarts
- V.M. van Daalen-Mennaerts
- K.L.H. van Mens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over waardering onroerende zaken en heffingsrente in box 3
Belanghebbende betwist de waardering van vier panden die hij in box 3 heeft aangegeven, waarbij hij stelt dat de waardering op basis van WOZ-waarden met indexatie moet plaatsvinden. De inspecteur heeft de panden door middel van zichttaxaties gewaardeerd op hogere bedragen en heeft de aanslag dienovereenkomstig opgelegd. Belanghebbende voert aan dat er afspraken zijn gemaakt over de waardering, onder meer in een controlerapport en tijdens mediation, en beroept zich op het vertrouwensbeginsel.
De rechtbank heeft het beroep grotendeels ongegrond verklaard en het beroep tegen het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar tegen de heffingsrente niet-ontvankelijk. Het hof overweegt dat de inspecteur een juiste waarderingsmaatstaf heeft toegepast en dat de taxaties zorgvuldig zijn uitgevoerd, ondanks het ontbreken van inpandige taxaties. De stelling dat sprake zou zijn van bodemverontreiniging is onvoldoende onderbouwd.
Het hof oordeelt dat de afspraken in het controlerapport en mediation niet leiden tot een rechtens te honoreren vertrouwen en dat geen sprake is van schending van algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Wel verklaart het hof het hoger beroep gegrond voor het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar tegen de boetebeschikking van €113 en gelast de inspecteur alsnog uitspraak te doen. De heffingsrente wordt gehandhaafd. Het hoger beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hof bevestigt de waardering en heffingsrente, verklaart het hoger beroep gegrond voor het niet tijdig doen van uitspraak op bezwaar tegen de boetebeschikking en gelast alsnog uitspraak te doen.