ECLI:NL:GHSHE:2010:BN9583
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Brandenburg
- De Groot-van Dijken
- Gründemann
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep schadevergoeding salmonellabesmetting pluimveebedrijf
De zaak betreft een hoger beroep tegen vonnissen van de rechtbank ’s-Hertogenbosch inzake schadevergoeding voor salmonellabesmettingen veroorzaakt door Legro aan het pluimveebedrijf van wijlen [A.]. De salmonellabesmettingen vonden plaats tussen 1989 en 1994, waarna het bedrijf in 1994 omschakelde naar scharrelkippen. Na het overlijden van [A.] in 1998 werd het bedrijf beëindigd door zijn erven.
De rechtbank kende in eerste aanleg slechts een beperkt bedrag toe en wees diverse schadeposten af, waaronder winstderving na omschakeling, kosten voor milieuvergunningwijziging en schade wegens bedrijfsbeëindiging. Legro voerde onder meer voordeelstoerekening aan op grond van art. 6:100 BW Pro en betwistte het causaal verband voor sommige posten.
Het hof oordeelt dat Legro het causaal verband in de schadestaatprocedure nog kan betwisten. De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat er geen winstderving was na omschakeling, omdat de bedrijfsresultaten beter waren. Het hof wijst het beroep van Legro op voordeelstoerekening af, omdat de hogere winst het gevolg is van eigen inspanningen van [A.] en het onrechtmatig handelen van Legro een verwijtbaar handelen betreft.
De vordering wegens bedrijfsbeëindiging wordt afgewezen omdat de late vergunningaanvraag en het uitblijven van de benodigde vergunningen voor rekening van [A.] komen. Het hof verwijst de zaak terug voor nadere bewijslevering door Legro over het causaal verband voor investerings- en arbeidskosten en kosten milieuvergunningwijziging. De overige beslissingen blijven aangehouden.
Uitkomst: Het hof wijst enkele schadeposten toe, wijst het beroep op voordeelstoerekening af en verwijst de zaak terug voor nadere bewijslevering over het causaal verband.