ECLI:NL:GHSHE:2010:BO0149
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Van Etten
- Meulenbroek
- Keizer
- Rechtspraak.nl
Verdeling en verrekening huwelijkse voorwaarden na echtscheiding met gemeenschap van inboedel en registergoederen
De zaak betreft het hoger beroep tegen vonnissen over de afwikkeling van huwelijkse voorwaarden tussen een man en een vrouw die in 1997 trouwden onder huwelijkse voorwaarden met gemeenschap van inboedel en registergoederen, en in 2005 zijn gescheiden.
De kern van het geschil betreft de verdeling van de inboedel, de verkoop en overwaarde van een bedrijfspand met bovenwoning dat tot de gemeenschap van registergoederen behoorde, en de verrekening van arbeidsinkomsten op grond van het verrekenbeding. De rechtbank had de waarde van de inboedel geschat en de overwaarde van het pand vastgesteld, waarbij een zakelijk krediet buiten beschouwing werd gelaten.
In hoger beroep betwistten partijen elkaars waarderingen en stellingen, maar het hof oordeelde dat geen van beide partijen voldoende objectief bewijs had geleverd om de eerdere schattingen te wijzigen. De uitleg van de huwelijkse voorwaarden bevestigde dat het pand volledig tot de gemeenschap behoorde. De vrouw kon geen aanspraak maken op verrekening van overgespaarde inkomsten vanwege het ontbreken van voldoende financiële inzicht.
Het hof verklaarde de vrouw niet-ontvankelijk in haar hoger beroep tegen een tussenvonnis, bekrachtigde de overige vonnissen behalve de toekenning van € 15.980 aan de vrouw wegens verrekening, en compenseerde de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de vonnissen behalve voor de verrekening van arbeidsinkomsten ten gunste van de vrouw, die wordt afgewezen.