ECLI:NL:GHSHE:2010:BO3951
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Begheyn
- Riemens
- Van Laarhoven
- Rechtspraak.nl
Bank aansprakelijk voor schending zorgplicht bij gezamenlijke spaarrekening na echtscheiding
Appellant [X.] en zijn ex-partner [Y.] waren gehuwd in gemeenschap van goederen en hadden ieder een eigen onderneming. Na hun echtscheiding in 2005 werden gesprekken gevoerd met Rabobank over herfinanciering, waarbij een bedrag van € 50.000 gereserveerd zou worden op een geblokkeerde rekening voor de belastingschuld die aan [X.] was toebedeeld.
De Rabobank stelde financieringsvoorstellen op met de voorwaarde dat het bedrag op een gezamenlijke (en/of) spaarrekening zou worden gestort en verpand aan de bank. [X.] tekende de overeenkomst en pandakte, zonder dat hij voldoende werd geïnformeerd over de risico's van deze constructie. Na het faillissement van [Y.] maakte de bank gebruik van haar pandrecht en verrekende het saldo van de spaarrekening met de schulden van [Y.], tot schade van [X.].
Het hof oordeelt dat de Rabobank haar bijzondere zorgplicht heeft geschonden door [X.] niet uitdrukkelijk te wijzen op de gevolgen en risico's van de gezamenlijke rekening en pandakte. Hierdoor berust de overeenkomst op dwaling en is de bank gehouden tot terugbetaling van het saldo van € 52.590,57 plus wettelijke rente. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De Rabobank wordt veroordeeld in de proceskosten en het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De Rabobank wordt veroordeeld tot terugbetaling van € 52.590,57 plus wettelijke rente aan [X.] wegens schending van haar zorgplicht.