ECLI:NL:GHSHE:2010:BO7704
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Pouw
- Pellis
- Walstock
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van beslagvrije voet en ziektekostenpremie in schuldsaneringsregeling
De zaak betreft een hoger beroep na terugverwijzing door de Hoge Raad over de vraag of de door de schuldenaar betaalde ziektekostenpremie voor zijn echtgenote moet worden meegenomen bij de bepaling van het vrij te laten bedrag (vtlb) in de schuldsaneringsregeling. De schuldenaar was van mening dat deze premie onder de beslagvrije voet viel, omdat hij deze al vóór de regeling betaalde en zijn echtgenote geen eigen inkomen had.
De bewindvoerder stelde dat de premie niet ten laste van de schuldeisers mocht komen, omdat de echtgenote zelf haar ziektekostenpremie diende te betalen en zij via de heffingskorting een fictief inkomen kon verwerven. Het hof overwoog dat de doelstelling van de schuldsaneringsregeling is om een zo groot mogelijk bedrag aan schuldeisers te kunnen uitkeren, en dat het meenemen van de premie ten laste van de schuldeisers zou komen.
Het hof concludeerde dat de wettelijke regeling geen ruimte biedt om de beslagvrije voet te verhogen met de ziektekostenpremie van de partner en dat de wens van de schuldenaar om deze morele verplichting na te komen in strijd is met de doelstelling van de regeling. Daarom werd het verzoek van de schuldenaar afgewezen en de beschikking van de rechter-commissaris bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wees het verzoek af om de ziektekostenpremie van de echtgenote mee te nemen in de beslagvrije voet en bekrachtigde de beschikking van de rechter-commissaris.