ECLI:NL:GHSHE:2011:BP3516
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- H. Harmsen
- J.W. de Ruijter
- F.P.E. Wiemans
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens onvergunde opslag en overbrenging van afvalstoffen met milieugevaar
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor diverse feiten met betrekking tot de opslag en overbrenging van bedrijfsafvalstoffen zonder de vereiste vergunningen, in strijd met de Wet milieubeheer en Europese richtlijnen. Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank Breda en deed zelf recht.
Het hof sprak verdachte vrij van meerdere tenlastegelegde feiten waarbij niet kon worden bewezen dat hij opdracht gaf of leiding gaf aan de strafbare gedragingen. Wel werd bewezen verklaard dat verdachte feitelijke leiding gaf aan het opzettelijk overbrengen van non-ferrometaalafval naar locaties zonder vergunning, in strijd met artikel 26 van Pro de EEG-Verordening en artikel 10 van Pro de Richtlijn 75/442/EEG en Richtlijn 2006/12/EG.
Verdachte voerde onder meer aan dat het materiaal geen afvalstof was, maar het hof oordeelde dat het materiaal als afvalstof moest worden gekwalificeerd zolang het nog niet daadwerkelijk was gerecycled. Ook het verweer dat verdachte niet wist dat de opslaglocaties geen vergunning hadden werd verworpen, omdat van een professionele ondernemer mag worden verwacht dat hij de vergunningstatus controleert.
Het hof veroordeelde verdachte tot een geldboete van € 2.500,00, met een vervangende hechtenis bij niet-betaling. De straf is gebaseerd op de ernst van de feiten en de positie van verdachte in het bedrijfsleven. Het hof verklaarde het openbaar ministerie ontvankelijk en sprak verdachte strafbaar voor de bewezenverklaarde feiten.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van € 2.500 wegens opzettelijke overtreding van milieuregels omtrent onvergunde opslag en overbrenging van afvalstoffen.