ECLI:NL:GHSHE:2011:BP5167
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Raadkamer
- W.H.B. den Hartog Jager
- H.D. Bergkotte
- H. Harmsen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot verschoning rechter na ongevraagde politie-informatie
In deze zaak verzocht een raadsheer van het gerechtshof ’s-Hertogenbosch zich te mogen verschonen vanwege het ontvangen van ongevraagde informatie van politieambtenaren via een medewerker van het ressortsparket, na sluiting van het onderzoek ter terechtzitting en buiten de advocaat-generaal om. Daarnaast had de advocaat-generaal voorafgaand aan de zitting in de wandelgangen een persoonlijke mededeling gedaan aan de raadsheer.
De voorzitter van de strafkamer had de overige leden, de verdediging en de advocaat-generaal direct geïnformeerd over de ontvangst van de informatie en het voornemen geuit het onderzoek te heropenen, maar zowel verdediging als openbaar ministerie wensten dit niet. De verschoningskamer overwoog dat een rechter wordt vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er uitzonderlijke omstandigheden zijn die vooringenomenheid aannemelijk maken of de schijn daarvan wekken.
De kamer concludeerde dat de ongevraagde informatievoorziening een incidentele fout was en dat adequaat en transparant was gehandeld om schijn van partijdigheid te voorkomen. Ook de mededeling van de advocaat-generaal voorafgaand aan de zitting deed niet af aan de onpartijdigheid. Er waren geen aanwijzingen voor subjectieve vooringenomenheid of objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bij verdachte.
Daarom werd het verzoek tot verschoning afgewezen. De beslissing werd onverwijld aan alle procespartijen medegedeeld en in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2011.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de raadsheer wordt afgewezen wegens ontbreken van vooringenomenheid of schijn van partijdigheid.