ECLI:NL:GHSHE:2011:BP8588
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- H. Harmsen
- F.P.E. Wiemans
- T.A. de Roos
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken technische, organisatorische en functionele binding bij verandering inrichting milieubeheer
Verdachte werd in hoger beroep geconfronteerd met de tenlastelegging van medeplegen van het opzettelijk veranderen van een inrichting door uitbreiding met opslag van 2,3-dimethylbutaan. Het hof onderzocht of sprake was van één inrichting in de zin van artikel 1.1 lid 4 Wet milieubeheer, waarbij technische, organisatorische en functionele bindingen tussen de opslag en het loonbedrijf moesten worden vastgesteld.
Uit het onderzoek ter terechtzitting bleek dat de reële zeggenschap over het loonbedrijf bij verdachte lag, maar niet over de opslag van 2,3-dimethylbutaan. Er was geen aannemelijk bewijs voor technische binding door gemeenschappelijk gebruik van voorzieningen, noch voor functionele binding door uitwisseling van goederen, personeel of middelen. Hierdoor vormden de opslag en het loonbedrijf geen één inrichting.
Het hof oordeelde dat de inrichting voor het loonbedrijf niet was uitgebreid, maar dat er een tweede inrichting was opgericht. Daarom was het bewijs onvoldoende om verdachte te veroordelen voor het primair ten laste gelegde feit en sprak het hof verdachte vrij.
Vervolgens werd de subsidiaire overtreding beoordeeld, maar het recht tot strafvordering was vervallen door verjaring. De officier van justitie werd daarom niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van deze overtreding.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en deed opnieuw recht met vrijspraak en niet-ontvankelijkheid.
Uitkomst: Verdachte werd vrijgesproken van medeplegen van overtreding Wet milieubeheer; officier van justitie werd niet-ontvankelijk verklaard wegens verjaring.