ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ5004
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.C.G. Brants
- M.C. Bijleveld-van der Slikke
- E.N. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Beëindiging partneralimentatie wegens samenwonen als gehuwd op grond van artikel 1:160 BW
De man is in hoger beroep gekomen tegen de beschikking van de rechtbank Roermond die zijn verzoek tot beëindiging van de partneralimentatie had afgewezen. Hij stelde dat de vrouw sinds 1 oktober 2009 samenwoonde met een ander als waren zij gehuwd, waardoor zijn alimentatieverplichting op grond van artikel 1:160 BW Pro zou zijn geëindigd.
Het hof heeft het onderzoeksrapport van een detectivedienst bestudeerd waaruit bleek dat de vrouw en de heer Z. nagenoeg dagelijks samenwoonden in de woning van de vrouw. De heer Z. beschikte over een sleutel, bracht zijn garderobe onder, verrichtte onbetaald schilderswerk en leverde bijdragen aan het huishouden. Ook was er sprake van gezamenlijke bezoeken aan familie en instanties. De vrouw betwistte een gezamenlijke huishouding, maar het hof achtte haar stellingen niet houdbaar.
Op grond van deze feiten concludeerde het hof dat sprake was van een duurzame affectieve relatie, feitelijk samenwonen, wederzijdse verzorging en het voeren van een gemeenschappelijke huishouding. Daarmee was voldaan aan de criteria van artikel 1:160 BW Pro en eindigde de alimentatieverplichting van de man met ingang van 1 oktober 2009. De vrouw werd veroordeeld tot terugbetaling van de alimentatie die zij vanaf die datum ontving.
De proceskosten werden gecompenseerd en het verzoek tot betaling van wettelijke rente werd afgewezen. De beschikking van de rechtbank werd vernietigd en het hof sprak de nieuwe beslissing uit.
Uitkomst: De alimentatieverplichting van de man is geëindigd op 1 oktober 2009 en de vrouw moet de vanaf die datum betaalde alimentatie terugbetalen.