ECLI:NL:GHSHE:2011:BQ7624
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- T. Rothuizen-van Dijk
- W.H.B. den Hartog Jager
- E.L. Schaafsma-Beversluis
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beschikking voorlopige voorzieningen en opheffing beslagen na overschrijding termijn echtscheidingsverzoek
In deze zaak tussen echtelieden [X.] en [Y.] heeft het hof het vonnis van de voorzieningenrechter vernietigd. De rechtbank had op 16 juni 2010 een beschikking gegeven met voorlopige voorzieningen, waaronder alimentatiebetalingen, en op 21 juli 2010 een aanvullende beschikking. [Y.] diende binnen vier weken na de eerste beschikking een verzoek tot echtscheiding in, maar trok dit verzoek later in en diende vervolgens een tweede verzoek in na de termijn van vier weken.
Het hof oordeelt dat de tweede indiening na de fatale termijn van artikel 821 lid 4 Rv Pro geen reddende werking heeft voor de beschikking van 16 juni 2010. Hierdoor verloor deze beschikking haar kracht op 6 augustus 2010, voordat de daarop gebaseerde beslagen werden gelegd. De beslagen gelegd in september 2010 zijn derhalve niet rechtsgeldig.
Het hof veroordeelt [Y.] om binnen zeven dagen na betekening van het arrest alle beslagen op te heffen, onder verbeurte van een dwangsom van €100 per dag per beslag, met een maximum van €25.000. De vordering tot verbod op het leggen van nieuwe beslagen wordt afgewezen. De proceskosten worden gecompenseerd zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De beschikking van 16 juni 2010 verloor haar werking op 6 augustus 2010, en de daarop gebaseerde beslagen moeten binnen zeven dagen worden opgeheven onder verbeurte van een dwangsom.