ECLI:NL:GHSHE:2011:BU2114
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.Th. Begheyn
- S. Riemens
- M.J. van Laarhoven
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatige vernietiging van persoonlijke eigendommen na gedwongen vertrek uit opstapwoning
Appellant [X.] is in het kader van een hulpverleningsovereenkomst met de stichting Vincent van Gogh Instituut opgenomen in een opstapwoning. Na beëindiging van de overeenkomst en gedwongen vertrek liet hij persoonlijke eigendommen achter in de woning. De stichting vernietigde een deel van deze spullen, waarbij appellant stelde dat dit onrechtmatig was.
De stichting beriep zich op artikel 26 van Pro de hulpverleningsovereenkomst, waarin staat dat achtergelaten goederen geacht worden eigendom van de stichting te zijn, en op rechtsverwerking omdat appellant herhaaldelijk zijn spullen niet had opgehaald. Het hof oordeelde dat appellant niet het oogmerk had afstand te doen van zijn eigendommen en dat de stichting onredelijk heeft gehandeld door de spullen te vernietigen zonder duidelijke richtlijnen en zonder dat appellant voldoende geïnformeerd was.
Het hof stelde vast dat de stichting onvoldoende zorgvuldigheid betrachtte, onder meer doordat een medewerker de koffers naar de milieustraat bracht zonder de inhoud te controleren en zonder een lijst op te stellen. Hierdoor werd appellant beperkt in zijn bewijsvoering. Het hof kende appellant een schadevergoeding toe van €1.084,00, verminderd met een verrekening van achterstallige huur. De stichting werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De stichting is veroordeeld tot betaling van €1.084,00 schadevergoeding wegens onrechtmatige vernietiging van eigendommen.