ECLI:NL:GHSHE:2011:BU3355
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoek tot voeging en incidentele vordering in civiel hoger beroep
In deze civiele hogerzaak tussen BO TE TECHNISCHE DIENST B.V. (appellante) en [Y.] ONDERWATERBETON B.V. (geïntimeerde) stond een verzoek tot voeging centraal. Appellante had voorafgaand aan de eerste roldatum een brief aan de griffie gestuurd met het verzoek om procedures te voegen, maar zonder een met redenen omklede incidentele conclusie in te dienen.
Het hof constateerde dat volgens art. 208 Rv Pro incidentele vorderingen alleen bij dagvaarding of met redenen omklede conclusie kunnen worden ingesteld. De brief van 2 september 2011 voldeed hier niet aan, mede omdat geen afschrift aan geïntimeerde was gezonden. Technische problemen met het digitale loket rond de zittingsdatum konden niet als reden worden aanvaard voor het ontbreken van een juiste indiening, omdat alternatieve indieningswijzen beschikbaar waren.
Het hof besloot daarom het verzoek tot voeging niet in behandeling te nemen als incidentele vordering, maar de zaken via een informele rolvoeging bijeen te houden. De zaak werd verwezen naar de rol van 29 november 2011 voor het nemen van een memorie van grieven door appellante.
Uitkomst: Het verzoek tot voeging wordt niet als incidentele vordering behandeld; de zaak wordt verwezen naar de rol van 29 november 2011.