ECLI:NL:GHSHE:2011:BU7304
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.E.M. Renckens
- E.L. Schaafsma-Beversluis
- H.J.M. van Arkel-van Gasselt
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatieplicht man en draagkracht vrouw na echtscheiding
In deze zaak staat de alimentatieplicht van de vrouw jegens de man na echtscheiding centraal. De rechtbank had bepaald dat de vrouw maandelijks €875 aan de man moet betalen. De vrouw ging hiertegen in hoger beroep, stellende dat de man niet behoeftig zou zijn en dat haar draagkracht onvoldoende is om deze bijdrage te betalen.
Het hof heeft de feiten en financiële situatie van partijen onderzocht. De man, 46 jaar oud, heeft een eigen onderneming in klassieke auto's die verlies lijdt door de economische crisis. Het hof acht hem momenteel behoeftig, maar verwacht dat hij binnen twee jaar na de inschrijving van de echtscheidingsbeschikking in staat zal zijn zelf in zijn levensonderhoud te voorzien. De vrouw werkt als accountmanager bij ING, is tijdelijk op non-actief gesteld, maar haar inkomen over 2010 en 2011 is substantieel en vormt het uitgangspunt voor de draagkrachtberekening.
De kosten van de kinderen, die volledig door de vrouw worden gedragen, worden meegenomen in de draagkrachtberekening. Het hof hanteert een alleenstaande norm van 60% van de resterende draagkracht na aftrek van lasten en kosten kinderen. Dit leidt tot een draagkracht van de vrouw die toereikend is voor de vastgestelde alimentatie. Het hof wijst het beroep van de vrouw af en bekrachtigt de beschikking van de rechtbank.
Uitkomst: De alimentatieplicht van de vrouw tot betaling van €875 per maand aan de man wordt bekrachtigd.