ECLI:NL:GHSHE:2011:BU8838
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- W.H.B. den Hartog Jager
- F.M. Visser
- Th.J.A. Kleijngeld
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen faillietverklaring wegens vermeend misbruik van recht
De rechtbank ’s-Hertogenbosch verklaarde [X.] in staat van faillissement op verzoek van [Y.], die een vordering had van ruim €20.000. [X.] kwam hiertegen in hoger beroep en stelde dat hij niet is opgehouden met betalen, omdat hij met vrijwel alle schuldeisers afbetalingsregelingen heeft getroffen die hij nakomt. Hij erkende de hoofdsom van de vordering van [Y.] maar betwistte de kosten en stelde dat hij voldoende werk heeft om zijn schulden af te lossen.
De curator bevestigde dat de boekhouding op orde is en dat de omzet in 2011 beter leek dan in 2010, ondanks de aanzienlijke schuldenlast. Het hof constateerde dat er meerdere schuldeisers zijn, ook al zijn met hen betalingsregelingen getroffen, en dat de vordering van [Y.] slechts een deel van de totale schuldenlast vormt. Het hof overwoog dat onvoldoende feiten en omstandigheden zijn gebleken die aantonen dat [X.] is opgehouden met betalen.
Het hof nam mee dat voortzetting van het faillissement waarschijnlijk leidt tot executoriale verkoop van de woning van [X.] tegen een lagere waarde dan de hypotheek, wat disproportionele schade zou veroorzaken. Het hof vernietigde daarom het vonnis van de rechtbank, wees het faillissementsverzoek af, en bepaalde dat de curator- en proceskosten gedeeld worden tussen partijen, waarbij elke partij haar eigen overige kosten draagt.
Uitkomst: Het hof vernietigt het faillissement en wijst het verzoek tot faillietverklaring af.