ECLI:NL:GHSHE:2012:BV6414
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.C.G. Brants
- C.D.M. Lamers
- C.E.M. Renckens
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt co-ouderschap met 50%-50% zorgverdeling voor minderjarige
In deze zaak stond de verdeling van zorg- en opvoedingstaken tussen ouders centraal na hun echtscheiding. De vader verzocht om een regeling waarbij het kind evenveel tijd bij beide ouders doorbrengt, terwijl de moeder een praktische en duidelijke regeling nastreefde met het zwaartepunt bij haar. Het hof overwoog dat, hoewel gelijkwaardig ouderschap niet per definitie een gelijke tijdsverdeling inhoudt, in dit geval een 50%-50% verdeling passend is.
Het hof nam mee dat noch het kind noch de vader contra-indicaties hadden tegen een co-ouderschapregeling. De ouders wonen dicht bij elkaar, en de vader is in staat volledig beschikbaar te zijn tijdens de verblijfsperiode van het kind. De communicatie tussen ouders is niet optimaal, maar voldoende voor afstemming. Het hof wees het verzoek van de moeder af om het gehele ouderschapsplan integraal over te nemen in de beschikking.
De uiteindelijke beslissing vernietigde de eerdere beschikking en wijzigde de regeling van 2006, waarbij het kind voortaan om de week van donderdag tot donderdag bij de vader dan wel de moeder verblijft. Vakanties worden in onderling overleg verdeeld. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en in het openbaar uitgesproken op 21 februari 2012.
Uitkomst: Het hof stelt een co-ouderschapregeling vast waarbij het kind om de week bij elke ouder verblijft.