ECLI:NL:GHSHE:2012:BV8497
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.W.J. Huige
- P.J.M. Bongaarts
- J.C.K.W. Bartel
- Rechtspraak.nl
Beoordeling immateriële schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn in belastingzaak
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een naheffingsaanslag en boetebeschikking opgelegd door de Inspecteur. Na diverse procedures, waaronder beroep bij de Rechtbank en het Gerechtshof Arnhem, vernietigde de Hoge Raad het arrest van het Gerechtshof Arnhem en verwees de zaak terug naar het Gerechtshof 's-Hertogenbosch voor beoordeling van de immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn.
Het Hof stelde vast dat de bezwaarprocedure ruim drie jaar duurde, waarvan de redelijke termijn met ruim twee jaar werd overschreden. De Inspecteur erkende deze overschrijding. Het Hof hanteerde het door de Hoge Raad voorgeschreven tarief van € 500 per half jaar overschrijding, wat resulteerde in een schadevergoeding van € 2.500.
Belanghebbende had een schadevergoeding van € 93.600.000 gevorderd, maar kon dit bedrag onvoldoende onderbouwen. Het Hof oordeelde dat deze eis niet aannemelijk was. Daarnaast werd de boete verminderd tot € 2.000 en werd de Staat veroordeeld tot vergoeding van griffierechten en proceskosten.
De uitspraak werd gedaan op 13 januari 2012 door het Gerechtshof 's-Hertogenbosch, waarbij het hoger beroep gegrond werd verklaard en de eerdere uitspraken van de Rechtbank en Inspecteur werden vernietigd.
Uitkomst: Het Hof kent een immateriële schadevergoeding van € 2.500 toe wegens overschrijding van de redelijke termijn en vermindert de boete tot € 2.000.