ECLI:NL:GHSHE:2012:BW5332
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- JM. Brandenburg
- P.Th. Gründemann
- Y.L.L.A.M. Delfos-Roy
- Rechtspraak.nl
Uitweg aangemerkt als uitrit in de zin van artikel 54 RVV 1990
In deze civiele procedure stond centraal of een weggetje dat van de [straat A] naar de woning van [Y.] op nummer [huisnummer A] loopt, moet worden aangemerkt als een uitrit in de zin van artikel 54 van Pro het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990). De zaak betreft een aanrijding op 14 mei 2008 waarbij appellant, rijdend op een motorfiets, en geïntimeerde, rijdend met een auto vanaf de uitweg, betrokken waren. De rechtbank had geoordeeld dat geen sprake was van een uitrit, maar het hof vernietigde dit vonnis.
Het hof voerde een uitgebreide feitenanalyse uit, waarbij onder meer Google Earth en Street View beelden werden betrokken. Het hof stelde vast dat het weggetje smal, verhard maar van mindere kwaliteit is en uitsluitend toegang biedt tot het privéperceel van [Y.]. De uitweg is voor elke normaal oplettende weggebruiker duidelijk herkenbaar als uitrit, mede door de aard en staat van de weg en de ligging ten opzichte van andere panden met eveneens kenbare uitritten.
Het hof verwees naar eerdere jurisprudentie en benadrukte dat de uiterlijke verschijningsvorm en de kenbare bestemming doorslaggevend zijn voor de kwalificatie als uitrit. In tegenstelling tot een vergelijkbare zaak in Gulpen, was hier al op grotere afstand duidelijk dat het om een uitrit ging. Het hof concludeerde daarom dat de uitweg moet worden aangemerkt als een uitrit in de zin van artikel 54 RVV Pro 1990.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde geïntimeerde in de kosten van het hoger beroep. De uitspraak verduidelijkt de criteria voor het aanmerken van een weg als uitrit en bevestigt het belang van de uiterlijke kenmerken en de verkeerssituatie ter plaatse.
Uitkomst: De uitweg wordt aangemerkt als uitrit in de zin van artikel 54 RVV 1990, waardoor geïntimeerde voorrang moet verlenen.