ECLI:NL:GHSHE:2012:BW5352
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen handhaving concurrentiebeding na ontslag op staande voet
In deze zaak staat de geldigheid en handhaving van een concurrentiebeding centraal na het ontslag op staande voet van appellant sub 1 door OSG. Appellant sub 1 voerde aan dat er geen geldige arbeidsovereenkomst bestond en dat het concurrentiebeding onredelijk bezwarend was, mede omdat OSG geen gerechtvaardigd belang had bij handhaving.
De arbeidsovereenkomst bevatte een concurrentiebeding dat appellant sub 1 beperkte om binnen 50 km en gedurende een jaar na beëindiging van het dienstverband concurrerende werkzaamheden te verrichten. Na het ontslag op staande voet nam appellant sub 1 zijn zakelijke goederen mee terug naar zijn eigen locatie, hetgeen OSG als diefstal bestempelde.
Het hof oordeelde dat OSG onvoldoende had aangetoond dat zij een gerechtvaardigd belang had bij handhaving van het concurrentiebeding, omdat de onderneming draaide op de kennis, klanten en goederen van appellant sub 1. Ook was de arbeidsovereenkomst kort van duur geweest. Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter, wees de vorderingen van OSG af, en veroordeelde OSG in de proceskosten en tot terugbetaling van bedragen aan appellant sub 1.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis van de kantonrechter en wijst de vorderingen van OSG af wegens gebrek aan gerechtvaardigd belang bij handhaving van het concurrentiebeding.