ECLI:NL:GHSHE:2012:BW7133
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- C.M. Aarts
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- E.A.G.M. Waaijers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over meerurenregeling en gelijke behandeling chronisch zieke werknemer
De werknemer trad in 2002 in dienst bij APG en werkte aanvankelijk meer dan de overeengekomen 36 uur per week. Tijdens zijn arbeidsongeschiktheid vanaf december 2007 tot mei 2010 ontving hij eerst het volledige salaris inclusief meeruren, daarna 70% van het basissalaris zonder meerurentoeslag. De werknemer vorderde betaling van het verschil tussen het salaris op basis van 36 en 40 uur en stelde dat APG hiermee de Wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte (WGBH/CZ) had geschonden.
De kantonrechter oordeelde dat APG door het niet doen van een verzoek tot meer uren in 2009 een direct onderscheid maakte zonder rechtvaardiging, wat in strijd was met artikel 4 WGBH Pro/CZ. Het hof stelde echter vast dat de CAO bepalingen een discretionaire bevoegdheid aan de werkgever geven om tijdelijk meer uren te vragen, en dat de werknemer tijdens arbeidsongeschiktheid niet in staat was om aan een dergelijk verzoek te voldoen.
Daarom oordeelde het hof dat er geen sprake was van verboden onderscheid en vernietigde het het vonnis van de kantonrechter. De vorderingen van de werknemer werden afgewezen en hij werd veroordeeld in de proceskosten van beide instanties.
Uitkomst: Het hof wijst de vorderingen van de werknemer af en veroordeelt hem in de proceskosten.