ECLI:NL:GHSHE:2012:BW8223
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over geldlening en verdeling executieopbrengst na verkoop woning
In deze civiele zaak vordert appellant betaling van een geldlening van €62.056,77 met rente van geïntimeerde sub 1, zijn broer. Geïntimeerde sub 2, die in Marokko woont, is interveniënt. De woning van geïntimeerde sub 1 is in 2007 in conservatoir en executoriaal beslag genomen en openbaar verkocht voor €280.000. Na betaling van een preferente hypotheekvordering resteert een bedrag dat voldoende is om zowel appellant als geïntimeerde sub 2 te voldoen.
De rechtbank Breda wees de vordering van appellant af wegens onvoldoende onderbouwing. In hoger beroep is verstek verleend aan geïntimeerde sub 1 en heeft de advocaat van geïntimeerde sub 2 zich onttrokken. Het hof stelt vast dat gezien de beschikbare middelen en de reeds vastgestelde vorderingen, er voorlopig geen belang is bij een beslissing over de authenticiteit van de vordering van appellant, behalve mogelijk ten aanzien van de proceskosten.
Het hof wijst de zaak aan voor nadere uitlatingen van partijen over de voortgang van de procedure en houdt verdere beslissing aan, mede omdat geïntimeerde sub 2 in Marokko woont en een comparitie niet zinvol wordt geacht.
Uitkomst: Het hof houdt verdere beslissing aan en verwijst de zaak naar de rol voor nadere uitlatingen over de voortgang van de procedure.