ECLI:NL:GHSHE:2012:BW8674
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid OM in ontnemingsvordering bij fiscale delicten ondanks deelname criminele organisatie
In deze strafzaak stond de vraag centraal of het openbaar ministerie ontvankelijk was in een vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, waarbij het voordeel was verkregen door fiscale delicten. De veroordeelde was onder meer veroordeeld voor deelname aan een criminele organisatie die zich bezighield met het doen van onjuiste douaneaangiften met TIR-carnets om invoerrechten te ontduiken.
De verdediging voerde aan dat het OM niet-ontvankelijk moest worden verklaard omdat het voordeel uitsluitend uit bij de belastingwet strafbare feiten was verkregen en er een ander instrumentarium bestaat om deze vordering te verhalen. Het hof overwoog dat artikel 74 van Pro de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) en de Aanwijzing Ontneming bepalen dat ontneming niet kan plaatsvinden bij fiscale delicten.
Hoewel de veroordeelde ook deelnam aan een criminele organisatie, was het voordeel dat daaruit voortkwam feitelijk het resultaat van fiscale delicten. Het hof vernietigde het vonnis waarvan beroep en verklaarde het OM alsnog niet-ontvankelijk in de ontnemingsvordering. Hiermee werd bevestigd dat fiscale delicten niet via strafrechtelijke ontneming kunnen worden aangepakt.
Uitkomst: Het hof verklaart het openbaar ministerie niet-ontvankelijk in de ontnemingsvordering wegens fiscale delicten.