ECLI:NL:GHSHE:2012:BY6994
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Verwijzing na Hoge Raad
- P.C.G. Brants
- M.J.C. Koens
- A.P. van der Linden
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep over vaststelling onderhoudsbijdrage en draagkracht na terugverwijzing Hoge Raad
In deze zaak gaat het om de vaststelling van de onderhoudsbijdrage voor drie minderjarige kinderen na scheiding van partijen. De rechtbank Zutphen had eerder een bijdrage per kind vastgesteld, maar deze beschikking werd door het hof Arnhem vernietigd en gewijzigd. De vrouw stelde cassatie in tegen deze beschikking, waarbij de Hoge Raad oordeelde dat het hof Arnhem onjuist had geoordeeld over de verwerking van de Duitse Eigenheimzulage en de draagkracht van de man.
Na terugverwijzing door de Hoge Raad heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het netto gezinsinkomen opnieuw vastgesteld, waarbij de Eigenheimzulage van € 2.430,- per partij per jaar wordt betrokken. Het hof heeft de behoefte van de kinderen berekend op circa € 288,- per kind per maand, gebaseerd op de tabel van de Werkgroep Alimentatienormen en het netto besteedbaar gezinsinkomen ten tijde van de relatie.
De draagkracht van de man is per periode berekend, rekening houdend met zijn inkomen, fiscale voordelen, lasten zoals hypotheekrente en verzekeringen, en kosten voor omgangsregeling. De man wordt geacht vanaf 1 september 2009 tot 1 januari 2010 € 162,- per kind te betalen, vanaf 1 januari 2010 tot 1 januari 2011 € 227,-, van 1 januari 2011 tot 1 januari 2013 € 278,- en vanaf 1 januari 2013 € 231,- per kind per maand. De beschikking van de rechtbank Zutphen wordt vernietigd en vervangen door deze nieuwe vaststellingen.
Uitkomst: De man moet periodiek een aangepaste onderhoudsbijdrage per kind betalen, variërend van €162 tot €278 per maand, rekening houdend met de Eigenheimzulage en draagkracht.