ECLI:NL:GHSHE:2012:BZ4900
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Wraking
- W.H.B. Den Hartog Jager
- O.M.J.J. van de Loo
- T.A. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek wegens ontbreken schijn van vooringenomenheid door strafkamer
De wraking van de raadsheren van de strafkamer van het gerechtshof 's-Hertogenbosch werd mondeling verzocht tijdens de terechtzitting van 17 februari 2012. Verzoeker stelde dat de strafkamer vooringenomen was door het niet langer aanhouden van het onderzoek om een getuige te horen, waardoor zijn verdediging werd geschaad en artikel 6 EVRM Pro werd geschonden.
De advocaat-generaal concludeerde tot afwijzing van het wrakingsverzoek, stellende dat wraking niet kan dienen als rechtsmiddel tegen een onwelgevallige beslissing en dat objectief vastgesteld moet worden of er sprake is van (de schijn van) vooringenomenheid. Het hof motiveerde haar beslissing uitvoerig en besloot dat het belang van een tijdige afdoening zwaarder woog dan het aanhouden van de zaak voor het horen van de getuige. Tevens werd toegezegd dat verklaringen van deze getuige in het dossier niet als bewijs zouden worden gebruikt.
De wrakingskamer oordeelde dat uit de motivering van de strafkamer geen schijn van vooringenomenheid jegens verzoeker kan worden afgeleid. Het verzoek tot wraking werd daarom als ongegrond afgewezen en het proces in de hoofdzaak werd voortgezet in de stand waarin het zich bevond ten tijde van het wrakingsverzoek.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de strafkamer is afgewezen wegens het ontbreken van een objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.