Uitspraak
6.Het tussenarrest van 26 februari 2013
- de incidentele vordering van TinQ tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis van 1 februari 2012 afgewezen;
- TinQ in de kosten van het incident veroordeeld;
- de hoofdzaak naar de rol verwezen voor beraad aan de zijde van beide partijen.
7.Het verdere verloop van het geding in hoger beroep
8.De beoordeling in de hoofdzaak
- een verklaring voor recht dat de huurovereenkomst tussen partijen met betrekking tot het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter] nr. [sectienummer 2.], met ingang van 16 september 2010 is geëindigd;
- een verklaring voor recht dat het recht van opstal tussen partijen met betrekking tot genoemd stuk grond met ingang van 31 augustus 2010 is geëindigd;
- veroordeling van TinQ om binnen 21 dagen na betekening van het te wijzen vonnis genoemd het stuk grond met al die en wat zich daarop van de zijde van TinQ bevindt, te ontruimen en te verlaten en het stuk grond schoon ter vrije en algehele beschikking van Garage [garage] te stellen en te laten;
- De op en in het perceel aanwezige zaken behoorden op grond van het opstalrecht toe aan [Olie 1.] Olie B.V. en nadien aan TinQ. Deze zaken zijn nooit eigendom van Garage [garage] geweest. De tussen Garage [garage] en TinQ gesloten huurovereenkomst heeft alleen de grond als huurobject. Deze huurovereenkomst is op rechtsgeldige wijze opgezegd.
- Volgens artikel 166 Overgangswet Pro NBW en de artikelen 5:104 juncto 5:88 lid 1 BW had opzegging van het opstalrecht moeten plaatsvinden door middel van een deurwaardersexploot. Daarbij had, mede gelet op artikel 167 Overgangswet Pro NBW, de contractueel bepaalde opzegtermijn van zes maanden in acht moeten worden genomen. De opzegging van het opstalrecht door Garage [garage] voldoet niet aan deze regels.
- voor recht verklaard dat de huurovereenkomst tussen partijen met betrekking tot het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter]nr. [sectienummer 2.], met ingang van 16 september 2010 is geëindigd;
- voor recht verklaard dat het recht van opstal tussen partijen met betrekking tot het stuk grond met ingang van 1 januari 2011 is geëindigd;
- TinQ veroordeeld om het stuk grond binnen 21 dagen na betekening van het vonnis met al die en wat zich daarop van de zijde van TinQ bevindt te ontruimen en te verlaten en het stuk grond schoon ter vrije en algehele beschikking van Garage [garage] te stellen en te laten.
- dat de inleidende dagvaarding was gericht tegen haar, zijnde de partij bij de huurovereenkomst en de bezitter van het opstalrecht;
- dat de vermelding van Demarol-TinQ als gedaagde partij in de dagvaarding op een evidente vergissing berustte, die kennelijk mede ingegeven was door het feit dat TinQ en Demarol-TinQ hun namen hebben gewijzigd nádat Garage [garage] de huurovereenkomst en het opstalrecht bij brieven van 17 december 2008 en 3 augustus 2009 had opgezegd.
- dat de op en in het perceel aanwezige zaken op grond van het opstalrecht toebehoorden aan [Olie 1.] Olie B.V. en nadien aan TinQ, zodat deze zaken nooit eigendom van Garage [garage] zijn geweest, dat dit bij beide partijen bekend was en dat ieder mocht verwachten dat de ander dit ook wist;
- dat de tussen Garage [garage] en TinQ gesloten huurovereenkomst mede om deze reden alleen de grond als huurobject heeft, zodat de door TinQ ingeroepen artikelen 7:290 en verder BW niet van toepassing zijn;
- dat het verweer van TinQ dat de huuropzegging nietig is wegens schending van artikelen 7:293 en 7:294 BW dus niet kan worden gehonoreerd.
“op het perceel grond (…)met de daarop door of voor rekening van de opstaller aangebrachte benzinepomp en overige werken(…)”(onderstreping hof).
9.De uitspraak
- voor recht is verklaard dat het recht van opstal (inclusief het recht van overpad) tussen partijen met betrekking tot het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter] nr. [sectienummer 2.], met ingang van 1 januari 2011 is geëindigd;
- TinQ is veroordeeld om binnen 21 dagen na betekening van het vonnis het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter] nr. [sectienummer 2.] met al die en wat zich daarop van de zijde van TinQ mag bevinden te ontruimen en te verlaten en het stuk grond schoon ter vrije en algehele beschikking van Garage [garage] te stellen en te laten en het stuk grond, na ontruiming en verlating niet wederom zonder toestemming van Garage [garage] te betredenen/of geheel of gedeeltelijk in gebruik te nemen;
- verklaart voor recht dat het recht van opstal (inclusief het recht van overpad) tussen partijen met betrekking tot het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter] nr. [sectienummer 2.], met ingang van 24 januari 2012 is geëindigd;
- veroordeelt TinQ om binnen 21 dagen na betekening van dit arrest het stuk grond gelegen te [vestigingsplaats] aan de [perceel], kadastraal bekend gemeente Woensdrecht, sectie [sectieletter] nr. [sectienummer 2.] met al die en wat zich daarop van de zijde van TinQ mag bevinden te ontruimen en te verlaten en het stuk grond schoon ter vrije en algehele beschikking van Garage [garage] te stellen en te laten en het stuk grond, na ontruiming en verlating niet wederom zonder toestemming van Garage [garage] te betredenen/of geheel of gedeeltelijk in gebruik te nemen;