ECLI:NL:GHSHE:2013:3010
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.A.M. van Schaik-Veltman
- J.C.J. van Craaikamp
- M.W.M. Souren
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tussentijds cassatieberoep inzake bevoegdheid Nederlandse rechter
Fortis Bank N.V. verzocht het gerechtshof ’s-Hertogenbosch om op grond van artikel 401a lid 2 Rv tussentijds cassatieberoep toe te staan tegen het arrest van 4 juni 2013. Fortis wilde de bevoegdheid van de Nederlandse rechter, vastgesteld op basis van de EU Insolventieverordening, door de Hoge Raad laten toetsen om te voorkomen dat de hoofdzaak vergeefs in Nederland zou worden uitgeprocedeerd.
De curator in de faillissementen betwistte het belang van Fortis bij een tussentijdse toetsing en stelde dat een dergelijk beroep zou leiden tot onacceptabele vertraging en hogere kosten, wat nadelig zou zijn voor de boedel. Het hof erkende het belang van een definitief oordeel over de bevoegdheid maar vond dat het belang van de curator bij voortgang van de hoofdzaak moest prevaleren.
Het hof overwoog dat Fortis al twee rechterlijke instanties had kunnen benaderen en dat de rechtsvraag over de bevoegdheid niet definitief wordt beslist door cassatie alleen. Gezien de omstandigheden zou het toestaan van tussentijds cassatieberoep leiden tot onacceptabele vertraging. Daarom wees het hof het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek om tussentijds cassatieberoep toe te staan is afgewezen vanwege het belang van voortgang van de hoofdzaak.