ECLI:NL:GHSHE:2013:3911
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- P.M.A. de Groot-van Dijken
- P.M. Huijbers-Koopman
- H.A.W. Vermeulen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling redelijkheid buitengerechtelijke kosten in letselschadezaak
Appellant is slachtoffer van twee verkeersongevallen waarbij de aansprakelijkheid door de verzekeraar London volledig is erkend. Na een vaststellingsovereenkomst over de schadevergoeding bleef onenigheid bestaan over de vergoeding van buitengerechtelijke kosten. Appellant vorderde betaling van niet-vergoede buitengerechtelijke kosten van €10.276,04.
De kantonrechter wees de vordering af op grond van de dubbele redelijkheidstoets, waarbij een redelijke verhouding tussen schadevergoeding en buitengerechtelijke kosten vereist is. Appellant stelde dat de kantonrechter een verkeerde maatstaf hanteerde en dat de kosten gerechtvaardigd waren.
Het hof bevestigde de redelijkheidstoets en oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat er bijzondere omstandigheden waren die een hogere vergoeding rechtvaardigden. London had terecht betwist dat de omvang en hoogte van de kosten redelijk waren, onder meer vanwege het aantal uren, het tarief voor reiskosten en de aard van de werkzaamheden.
Het hof concludeerde dat het door London betaalde bedrag van €9.000 voor buitengerechtelijke kosten redelijk is en wees de vordering van appellant af. Tevens werd appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De vordering van appellant tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.