ECLI:NL:GHSHE:2013:4205

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
10 september 2013
Publicatiedatum
11 september 2013
Zaaknummer
HD 200.130.379-01
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gerechtshof gelast comparitie ter beproeving minnelijke regeling in civiele zaak

In deze civiele hoger beroepszaak tussen appellanten en geïntimeerde heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch besloten een comparitie van partijen te gelasten. Het doel van deze comparitie is het onderzoeken van de mogelijkheid tot een minnelijke regeling of doorverwijzing naar mediation.

De comparitie zal plaatsvinden onder leiding van raadsheer-commissaris J.C.J. van Craaikamp in het Paleis van Justitie te 's-Hertogenbosch. Partijen dienen persoonlijk te verschijnen, waarbij rechtspersonen vertegenwoordigd moeten worden door een bevoegde persoon die op de hoogte is van de zaak en bevoegd is tot het treffen van een regeling.

De advocaat van appellanten is opgedragen uiterlijk 24 september 2013 een kopie van het volledige procesdossier te overleggen. Tijdens de comparitie zal geen gelegenheid zijn tot pleiten, hetgeen inhoudt dat juridisch beargumenteren niet aan de orde komt. De verdere beslissing in de zaak is aangehouden.

Uitkomst: Het gerechtshof gelast een comparitie van partijen ter beproeving van een minnelijke regeling en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.130.379/01
arrest van 10 september 2013
in de zaak van

1.[De V.O.F.] ,gevestigd en kantoorhoudende te [vestigings- en kantoorplaats] ,

2.
[appellant 2] ,wonende te [woonplaats] ,
3.
[appellante 3] ,wonende te [woonplaats] ,
appellanten,
advocaat: mr. A.V.M. van Dijk te Eindhoven,
tegen
[Agrarische Veredelings Industrie] ,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
geïntimeerde,
advocaat: mr. A.M. van Schaick te Tilburg,
op het hoger beroep van het door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch gewezen vonnis van 10 april 2013 tussen appellanten als gedaagden en geïntimeerde als eiseres.

1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/01/241058/HA ZA 12-16)

Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.

2.Het geding in hoger beroep

2.1.
Appellanten hebben bij exploot van 25 juni 2013 aangezegd van genoemd vonnis in hoger beroep te komen met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof.
2.2.
Ter rolle van 30 juli 2013 is de zaak aangebracht en is geïntimeerde bij advocaat verschenen.

3.De beoordeling

3.1.
Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het beproeven van een minnelijke regeling of de doorwijzing naar mediation. Voorts kan de comparitie worden benut om informatie uit te wisselen en om eventuele instructies met betrekking tot de zaak te geven. Het hof verwijst voor nadere algemene informatie over de comparitie naar
www.rechtspraak.nl(deelsite Gerechtshof 's-Hertogenbosch, onder “Regels en procedures”).
3.2.
De geplande duur van de zitting is anderhalf uur. Ter comparitie zal niet de gelegenheid worden geboden om te pleiten. Hieronder wordt verstaan het juridisch beargumenteren van de zaak al dan niet aan de hand van een voorbereide, uitgeschreven pleitnotitie.
3.3.
Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

4.De uitspraak

Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon, als het om een rechtspersoon gaat deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en die tot het treffen van een minnelijke regeling bevoegd is, op
28 oktober 2013 om 09.30 uurzullen verschijnen voor
mr. J.C.J. van Craaikamp als raadsheer-commissaris, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie aan de Leeghwaterlaan 8 te 's-Hertogenbosch, met de hiervoor onder 3.1 vermelde doeleinden;
bepaalt dat de advocaat van appellanten uiterlijk 24 september 2013 een fotokopie van het volledige procesdossier zal overleggen;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. T. Rothuizen-van Dijk, H.A.G. Fikkers en J.C.J. van Craaikamp en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 10 september 2013.