Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
WSD,
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. 237026/HAZA 11-1506)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
€ 2.500,=
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak staat de betaling van onbetaalde facturen voor inpakwerkzaamheden centraal. WSD vorderde betaling van €105.107,16 wegens niet-betaalde facturen, terwijl appellant een schadevergoeding van €224.787,- eiste wegens vermeende wanprestaties van WSD, waaronder het niet leesbaar afdrukken van houdbaarheidsdata op verpakkingen.
De rechtbank wees de vorderingen van WSD grotendeels toe en wees de vorderingen van appellant af. In hoger beroep bevestigde het hof deze uitspraak. Het hof ging veronderstellenderwijs uit van de juistheid van de stellingen van appellant over tekortkomingen van WSD, maar oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat herstel van de gebreken blijvend onmogelijk was of dat er een afspraak bestond over extra opdrachten.
Ook werd geoordeeld dat appellant onvoldoende had onderbouwd dat opschorting van betaling gerechtvaardigd was. De vordering van WSD tot betaling van de onbetaalde facturen, vermeerderd met rente en kosten, werd daarom toegewezen. Het hof veroordeelde appellant in de proceskosten van het hoger beroep en verklaarde het arrest uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Appellant is veroordeeld tot betaling van €105.107,16 plus rente en kosten, en zijn schadevorderingen zijn afgewezen.