Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer 812059 CV EXPL 12-1903)
2.Het geding in hoger beroep
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
Ontslag op staande voet:
4.7.
Van een goed werknemer mag uiteraard worden verwacht dat hij, ook na een op non-actief stelling, voor zijn werkgever bereikbaar blijft voor overleg. In tegenstelling tot wat Dekortex kennelijk betoogt, is niet gebleken dat [geïntimeerde] dit niet heeft gedaan. Weliswaar verwijt Dekortex [geïntimeerde] dat hij weigerde op kantoor te verschijnen - waarbij in het midden wordt gelaten dat de e-mail van 2 februari 2012 van [Vertegenwoordiger Z.], waar Dekortex in dit
Vervolgens heeft Dekortex zich weinig constructief opgesteld en aangestuurd op een einde van de arbeidsovereenkomst. Daarna heeft zij haar standpunt herzien en [geïntimeerde] alsnog tegen 5 maart 2012 opgeroepen voor zijn werk. Dit laatste deed Dekortex naar eigen zeggen, omdat geen overeenstemming met [geïntimeerde] werd bereikt over beëindiging van de arbeidsovereenkomst en Dekortex geen hoge vergoeding kon betalen. Aldus bleek een beëindiging van de arbeidsovereenkomst financieel niet haalbaar. Dekortex had daar echter al rekening mee kunnen houden toen zij [geïntimeerde] op 16 januari 2012 op non-actief stelde. Voorts heeft [Vertegenwoordiger X.] ter zitting nog verklaard dat Dekortex [geïntimeerde] enkel per 5 maart 2012 had opgeroepen, omdat zij van tevoren al wist dat [geïntimeerde] toch niet zou komen. Aldus moet worden begrepen dat Dekortex welbewust op een ontslag op staande voet heeft aangestuurd en niet daadwerkelijk bereid was om [geïntimeerde] weer te belasten met de bedongen arbeid. Onder al deze omstandigheden valt het [geïntimeerde] niet te verwijten dat hij op 5 maart 2012 zijn werkzaamheden niet heeft hervat, zeker niet in die mate dat daarin (mede) een dringende reden voor een ontslag kon worden gevonden.