ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ3557
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- N.J.M. van Etten
- B.A. Meulenbroek
- M.G.W.M. Stienissen
- Rechtspraak.nl
Verwerping beroep erfgenamen natuurlijke verbintenis niet-geregistreerde partner
De zaak betreft het hoger beroep van erfgenamen van de ongehuwde partner van de overledene, die aanspraak maakten op een legaat uit hoofde van een natuurlijke verbintenis. De erflater overleed in 2006, en er was een ontwerptestament waarin een legaat aan de partner was opgenomen, maar dit testament is niet rechtsgeldig geworden.
De erfgenamen stelden dat er sprake was van een dringende morele verplichting van de erflater jegens zijn partner om haar verzorgd achter te laten, wat een natuurlijke verbintenis zou vormen die was omgezet in een afdwingbare verbintenis. De rechtbank wees dit af omdat onvoldoende feiten waren gesteld over wederzijdse welstand en behoefte.
Het hof bevestigde dit oordeel en overwoog dat de natuurlijke verbintenis objectief moet worden beoordeeld, waarbij de wederzijdse welstand en behoefte van partijen doorslaggevend zijn. Omdat de partner financieel zelfstandig was en geen concrete feiten waren gesteld die een dringende morele verplichting aannemelijk maakten, werd het beroep verworpen. Het hof bekrachtigde het vonnis en veroordeelde de appellanten in de proceskosten.
Uitkomst: Het hof verwierp het beroep en bekrachtigde het vonnis van de rechtbank, waarbij geen recht op uitkering uit de nalatenschap werd toegekend.