ECLI:NL:GHSHE:2013:BZ6674
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- J.M. Brandenburg
- P.M.A. de Groot-van Dijken
- P.M. Huijbers-Koopman
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding na mishandeling met vermindering eigen schuld en matiging
In deze civiele zaak vordert appellant schadevergoeding van geïntimeerde wegens mishandeling waarbij appellant op het hoofd werd geslagen met een kettingslot. Het hof stelt vast dat geïntimeerde onrechtmatig heeft gehandeld, maar dat appellant een eigen schuld van 35% heeft aan het ontstaan van de schade.
Appellant heeft diverse schadeposten gespecificeerd, waaronder medische kosten, smartengeld en verlies van arbeidsvermogen. Het hof acht echter het bewijs van blijvend letsel onvoldoende en gaat uit van tijdelijk letsel. Tevens oordeelt het hof dat er geen causaal verband bestaat tussen de mishandeling en het ontslag van appellant, waardoor inkomensschade niet toewijsbaar is.
Het hof wijst een bedrag van €2.062,90 toe, bestaande uit 65% van bepaalde medische kosten en smartengeld van €2.500, en verwerpt verdere vorderingen en matigingsverzoeken van geïntimeerde. De proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd, ieder draagt zijn eigen kosten. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Geïntimeerde wordt veroordeeld tot betaling van €2.062,90 schadevergoeding met wettelijke rente, eigen schuld 35%, proceskosten gecompenseerd.