ECLI:NL:GHSHE:2013:CA0410
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep op wijziging verdelingsakte wegens dwaling en onvoorziene omstandigheden
Na het overlijden van moeder sloten vader en kinderen een verdelingsakte waarbij vader alle activa kreeg toegedeeld en de kinderen een rentedragende vordering van 6% op vader kregen, opeisbaar bij overlijden of hertrouwen zonder huwelijkse voorwaarden.
Vader hertrouwde en wilde de rente verlagen vanwege nadelige gevolgen voor zijn nieuwe echtgenote. Hij stelde dat hij bij het aangaan van de akte in de veronderstelling verkeerde dat de rente van 6% verplicht was en dat hij niet had ingestemd als hij dit had geweten. Hij beriep zich op wederzijdse dwaling en onvoorziene omstandigheden.
Het hof oordeelde dat er geen sprake was van wederzijdse dwaling omdat de notaris deze rente slechts op fiscale gronden had voorgesteld en vader en de kinderen de regeling redelijkerwijs hadden begrepen. Ook het beroep op onvoorziene omstandigheden faalde omdat de regeling expliciet rekening hield met hertrouwen en vader de nadelige gevolgen voor zijn nieuwe echtgenote had moeten voorzien.
Verder wees het hof vaders vordering af om een betaling van €5.875,-- in mindering te brengen op de vordering van een kind, omdat deze betaling niet als vervroegde aflossing kon worden aangemerkt. Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en compenseerde de proceskosten van het hoger beroep tussen partijen.
Uitkomst: Het hof wijst het beroep van vader af en bekrachtigt het vonnis van de rechtbank.