Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
5 Het verloop van de procedure
6.De gronden van het hoger beroep
7.De beoordeling
Bepalingen en Bedingen”vermelde artikelen voor zover van belang bepaald:
Zoals bekend eindigt Uw opstalrecht aan de Corridor te Valkenswaard op 11 maart 2013. Dit geschiedt van rechtswege. (…) Het is u bekend dat de gemeente Valkenswaard voornemens is op een mogelijk verzoek om verlenging afwijzend te beslissen. Wij stellen u in de gelegenheid tot 1 april a.s. op dit voornemen te reageren. Daarna zullen wij een definitief standpunt innemen.”
De gemeente kan toestaan dat het opstalrecht wordt verlengd met maximaal twintig jaar.” In geen enkele andere paragraaf van de Overeenkomst staat een indicatie dat dit niet juist is of dat [exploitant B.V.] een recht heeft op verlenging.
als de gemeente dat wenselijk acht” nog verlengd kan worden met 20 jaar. Hetgeen [exploitant B.V.] in de toelichting op grief IV aanvoert is onvoldoende concreet om aan te nemen dat de voornoemde tekst van die eerste pagina niet de tekst is die destijds aan de gemeenteraad is overgelegd. Hetgeen getuige [getuige 1] heeft verklaard, leidt het hof niet tot een ander oordeel. Doch zelfs als de tekst een andere inhoud heeft gehad, kan dit [exploitant B.V.] niet baten. Allereerst geldt dat [exploitant B.V.] niet voldoende duidelijk heeft gesteld dat een eventueel andersluidende tekst expliciet aan [exploitant B.V.] het recht gaf op een verlenging. Voorts geldt dat de tekst van het raadsvoorstel niet van doorslaggevend belang lijkt, nu het om een intern stuk van de Gemeente gaat en van belang is hetgeen met [exploitant B.V.] is besproken en overeengekomen.
4. De gemeente kan toestaan dat het opstalrecht wordt verlengd met maximaal twintig jaar.”, hetgeen naar het oordeel van het hof in lijn ligt met de tekst van het raadsvoorstel en van de nadien gesloten Overeenkomst, en welke tekst in het geheel niet de stelling van [exploitant B.V.] ondersteunt.