Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Here Europe B.V. (in eerste aanleg genaamd NAVTEQ EUROPE B.V.),
Here Global B.V.(in eerste aanleg genaamd
NAVTEQ B.V.),
1.Het verloop van de procedure
- een memorie van grieven;
- een memorie van antwoord;
- een zijdens Nav4all genomen akte overlegging producties, waarbij twee producties zijn overgelegd.
2.Het geding in eerste aanleg (zaaknr. C/01/233922 / HA ZA 11-1280)
3.De gronden van het hoger beroep
4.De beoordeling
“(…)2. As soon as Nav4All will start commercially, Nav4All has to obligate itself to close a further contract with Navteq and not with any other 3rd party to use their maps (…)”.
“Er is bij de overeenkomst toen een sideletter gemaakt waarin werd afgesproken dat als we commercieel zouden gaan, we dat met Navteq zouden doen. Wij zagen die sideletter als een garantie, dat wij verplicht waren om verder te gaan met Navteq.”.De rechtbank heeft vastgesteld dat die sideletter in eerste aanleg niet is overgelegd en Nav4all heeft daar niet tegen gegriefd. In hoger beroep is deze sideletter evenmin overgelegd, zodat het hof ervan uitgaat dat een dergelijke sideletter niet bestaat.
- tussen partijen bestond vanaf december 2004 slechts een relatie licentienemer/koper - licentieleverancier/verkoper (zie hiervoor onder 4.7);
- partijen zijn zelfstandige commerciële ondernemers, waarbij Nav4all vanuit haar eigen zelfstandige ondernemerspositie en dus met alle daarbij behorende risico’s, een product probeerde te ontwikkelen;
- partijen hebben zich telkens voor bepaalde termijnen verbonden en na afloop van iedere termijn zijn er besprekingen geweest over eventuele verlenging;
- Navteq had in de, kennelijk commerciële, markt van digitale kaartendatabase geen economische machtspositie;
- tegenover de investeringen van Nav4all staan de door Navteq verleende kortingen op de licentieovereenkomsten, zodat er sprake is van een zekere wederkerigheid;
- juistheid van de stelling van Nav4all zou met zich brengen dat zij wat dit betreft alleen maar rechten zou hebben: op haar afroep zou Navteq moeten leveren, terwijl Nav4all daartegenover geen continuatieverplichting van wat voor aard dan ook had;
- gesteld noch gebleken is dat Nav4all niet, desnoods tegen een vergoeding, al vanaf 2004 contractueel had kunnen vastleggen dat Navteq gehouden zou zijn om op afroep een commerciële licentieovereenkomst met Nav4all te sluiten.
“As you know, the Agreement expires on December 31st 2009”in die brief. Daar waar partijen een dergelijke afloopdatum hebben afgesproken, houdt het hof het ervoor dat een andersluidende afspraak moet zijn voorafgegaan door besprekingen en onderhandelingen die op enig moment moeten zijn geëindigd, in de visie van Nav4all, met in elk geval een mondeling akkoord inzake de verlenging. Voor zover die besprekingen en onderhandelingen met de door Nav4all gestelde afloop zouden zijn gevoerd tussen [medewerker van NAV4ALL] en [medewerker 1. Navteq], kan Nav4all geen beroep doen op een eventueel door [medewerker 1. Navteq] gegeven akkoord. Nav4all wist immers dat [medewerker 1. Navteq] wat dat betreft niet bevoegd was om zonder toestemming van het (hoger) management van Navteq een offerte op te stellen noch om ter zake een overeenkomst te sluiten (zie hiervoor r.o. 4.9.2.2). Voor zover Nav4all heeft willen stellen dat dit akkoord met een andere namens Navteq bevoegde persoon is bereikt, heeft zij dat onvoldoende feitelijk onderbouwd, zodat het hof daaraan voorbijgaat. Het hof komt om die reden evenmin toe aan een bewijsopdracht op dit punt.