ECLI:NL:GHSHE:2014:2018

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
25 juni 2014
Publicatiedatum
2 juli 2014
Zaaknummer
20-003754-13
Type
Uitspraak
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 359 lid 3 SvArt. 45 SrArt. 311 lid 1 onder 5 Sr
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging hoger beroep poging tot diefstal met braak en schuldheling

In deze zaak heeft het gerechtshof 's-Hertogenbosch het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant. De verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie maanden wegens poging tot diefstal, waarbij braak en schuldheling een rol speelden.

Het hof heeft het vonnis van de politierechter bevestigd. De politierechter had bij zijn mondeling vonnis een nauwkeurige opsomming van de bewijsmiddelen gegeven, maar zonder de inhoud daarvan uit te werken. Het hof benadrukte dat de meervoudige kamer gebonden is aan het motiveringsvoorschrift van artikel 359, lid 3, eerste volzin, Sv, en zal bij eventueel cassatieberoep de inhoud van de bewijsmiddelen nader uitwerken.

Daarnaast heeft het hof de kwalificatie van het feit onder parketnummer 01-206232-13 verbeterd naar poging tot diefstal met braak, strafbaar gesteld bij artikel 45 jo Pro. artikel 311, lid 1, onder 5, van het Wetboek van Strafrecht. Het vonnis werd op 25 juni 2014 ter openbare terechtzitting uitgesproken en bevestigd.

Uitkomst: Het hof bevestigt het vonnis van drie maanden gevangenisstraf voor poging tot diefstal met braak en schuldheling.

Uitspraak

Afdeling strafrecht
Parketnummer : 20-003754-13
Uitspraak : 25 juni 2014
VERSTEK; dip

Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof

's-Hertogenbosch

gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Oost-Brabant van 8 november 2013 in de in eerste aanleg gevoegde strafzaken, parketnummers 01-106232-13 en 01-206843-12, tegen

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
wonende te [woonplaats], [adres].
Hoger beroep
Bij vonnis waarvan beroep is de verdachte ter zake van poging tot diefstal, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft door middel van braak (
parketnummer 01-206232-13) en schuldheling (
parketnummer 01-206843-12) veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van drie maanden.
De verdachte heeft tegen voormeld vonnis hoger beroep ingesteld.
Onderzoek van de zaak
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof het beroepen vonnis zal bevestigen.
Vonnis waarvan beroep
Het beroepen vonnis is aangetekend zoals wordt bepaald door de Regeling aantekening mondeling vonnis door politierechter, kinderrechter, economische politierechter, de kantonrechter en de enkelvoudige kamer voor behandeling in strafzaken in hoger beroep (Stcrt. 1996, 197). Art. 1, aanhef en onder a van deze Regeling bepaalt dat de aantekening van het mondeling vonnis van de politierechter in geval van bewezenverklaring dient te bevatten : “a. alle gebezigde bewijsmiddelen en andere gronden voor de bewezenverklaring, alsmede vermelding van de redengevende feiten en omstandigheden voor de beslissing dat het (de) feit(en) door de verdachte(n) is (zijn) begaan (voor de inhoud van de bewijsmiddelen kan worden verwezen naar het proces-verbaal van de terechtzitting en andere processtukken. Indien niet de gehele inhoud voor het bewijs is gebezigd, dan aangeven welk deel wel is gebruikt).”
De politierechter heeft volstaan met een nauwkeurig gespecificeerde opsomming van de bewijsmiddelen, voor zover tot bewijs gebezigd, zonder de inhoud van de bewijsmiddelen weer te geven.
Het hof verenigt zich met het beroepen vonnis en met de gronden waarop dit berust, met verbetering van de kwalificatie van het feit ten laste gelegd onder parketnummer 01-206232-13. Voorts zal het hof - nu de meervoudige strafkamer gebonden is aan het motiveringsvoorschrift van artikel 359, lid 3, eerste volzin, van het Wetboek van Strafvordering - indien tegen dit arrest beroep in cassatie wordt ingesteld, de inhoud van de door de politierechter opgesomde bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring uitwerken in een aanvulling op het verkort arrest. Deze aanvulling wordt dan aan het verkort arrest gehecht.
Verbetering kwalificatie
Het onder parketnummer 01-206232-13 bewezen verklaarde levert op:
Poging tot diefstal, waarbij de schuldige het goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak.
Het feit is strafbaar gesteld bij artikel 45 jo Pro. artikel 311, lid 1, onder 5, van het Wetboek van Strafrecht.

BESLISSING

Het hof:
Bevestigt het vonnis waarvan beroep met inachtneming van het hiervoor overwogene.
Aldus gewezen door:
mr. N.J.M. Ruyters, voorzitter,
mr. J.C.A.M. Claassens en mr. C.M. Hilverda, raadsheren,
in tegenwoordigheid van mr. drs. M.M. Spooren, griffier,
en op 25 juni 2014 ter openbare terechtzitting uitgesproken.
mr. C.M. Hilverda is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.-