ECLI:NL:GHSHE:2014:2308

Gerechtshof 's-Hertogenbosch

Datum uitspraak
28 januari 2014
Publicatiedatum
23 juli 2014
Zaaknummer
HD 200.080.072_01 H
Instantie
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 31 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstelarrest betreffende foutieve plaatsvermelding in arrest over verdeling nalatenschap en waardering onroerende zaak

In deze zaak betrof het een procedure in hoger beroep over de verdeling van een nalatenschap en de waardering van een onroerende zaak. Het gerechtshof 's-Hertogenbosch constateerde ambtshalve een kennelijke fout in het arrest van 28 januari 2014, waarbij de plaatsnaam in het dictum en in rechtsoverweging 14.4 onjuist was vermeld.

Na het constateren van deze fout heeft het hof partijen de gelegenheid gegeven om hun mening over de herstelmaatregel kenbaar te maken. De appellant gaf aan geen bezwaar te hebben, terwijl de geïntimeerde niet reageerde binnen de gestelde termijn. Het hof oordeelde dat sprake was van een kennelijke fout die ambtshalve hersteld moest worden.

Het arrest van 8 april 2014 bepaalt daarom dat de foutieve plaatsnaam wordt gewijzigd in de correcte plaatsnaam in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4. Deze verbetering wordt op de minuut van het oorspronkelijke arrest vermeld. Het arrest is gewezen door de genoemde rechters en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer.

Uitkomst: Het gerechtshof heeft ambtshalve een kennelijke fout in het arrest van 28 januari 2014 hersteld door de plaatsnaam in het dictum en rechtsoverweging 14.4 te corrigeren.

Uitspraak

GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH

Afdeling civiel recht
zaaknummer HD 200.080.072/01
arrest van 8 april 2014 strekkende tot VERBETERING in de zin van artikel 31 Rv Pro van het arrest, gewezen op 28 januari 2014
in de procedure in hoger beroep die bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig is geweest tussen

[appellant] ,

wonende te [woonplaats] ,
appellant in principaal hoger beroep,
geïntimeerde in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. F. van Amstel te 's-Hertogenbosch,
tegen

[geïntimeerde] ,

wonende te [woonplaats] (België),
geïntimeerde in principaal hoger beroep,
appellante in incidenteel hoger beroep,
advocaat: mr. L.A. van Els-van den Berg te ’s-Hertogenbosch.
Bij brief van 5 februari 2014 heeft de griffier van het hof aan partijen bericht dat het hof ambtshalve heeft geconstateerd dat in het arrest van 28 januari 2014 een kennelijke fout voorkomt als bedoeld in artikel 31 Rv Pro. Het betreft de vermelding “ [plaats 1] ” in plaats van “ [plaats 2] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4.
Het hof heeft partijen in de gelegenheid gesteld hun mening hierover aan het hof kenbaar te maken. Mr. Van Amstel heeft bij brief van 7 februari 2014 namens zijn cliënt laten weten geen bewaar te hebben tegen herstel. De wederpartij heeft geen gebruik gemaakt van de geboden gelegenheid binnen de gestelde termijn van veertien dagen te reageren.
Het hof is van oordeel dat sprake is van een kennelijke fout die op de hierna te bepalen wijze dient te worden hersteld.
Het hof:
bepaalt dat de vermelding “ [plaats 1] ” in het dictum (twee maal) en in rechtsoverweging 14.4. wordt gewijzigd in “ [plaats 2] ” ;
bepaalt dat deze verbetering onder vermelding van de datum 8 april 2014 wordt vermeld op de minuut van het arrest van 28 januari 2014.
Dit arrest is gewezen door mrs. N.J.M. van Etten, B.A. Meulenbroek en W.H.B. den Hartog Jager en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 april 2014.
griffier rolraadsheer