ECLI:NL:GHSHE:2014:2778
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
- Hoger beroep kort geding
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging vonnis verblijf minderjarige bij vader in afwachting bodemprocedure
Partijen zijn gescheiden ouders van een minderjarige zoon. Na wijziging van de verblijfsregeling waarbij de zoon om de week bij moeder en vader verbleef, ontstond een geschil over de hoofdverblijfplaats. De moeder vorderde in kort geding dat de zoon aan haar zou worden overgedragen, terwijl de vader verzocht dat de zoon bij hem zou blijven totdat de bodemrechter een definitieve beslissing neemt.
De voorzieningenrechter wees de vordering van de moeder af en bepaalde dat de zoon bij de vader zou verblijven totdat in de bodemprocedure op het wijzigingsverzoek zou worden beslist. De moeder ging hiertegen in hoger beroep en voerde vier grieven aan.
Het hof oordeelde dat er voldoende zorgen zijn over het pedagogisch handelen van de moeder en dat het in het belang van de zoon is dat hij voorlopig bij de vader blijft. Het hof verwierp de grieven van de moeder, bevestigde dat het horen van de minderjarige door de voorzieningenrechter correct was, en dat het recht op family life niet werd geschonden. De proceskosten werden gecompenseerd, waarbij iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis dat de minderjarige voorlopig bij de vader blijft wonen en wijst de grieven van de moeder af.