Uitspraak
GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH
1.Het geding in eerste aanleg
2.Het geding in hoger beroep
- de moeder, bijgestaan door mr. De Werd;
- de vader, bijgestaan door mr. T.M. Subelack,
- de Raad voor de Kinderbescherming (hierna te noemen: de raad), vertegenwoordigd door mevrouw [vertegenwoordiger van de raad].
- het V2-formulier ingediend door de advocaat van de vader op 23 juni 2014;
- de brief met bijlage van de raad d.d. 26 juni 2014;
- het V5-formulier ingediend door de advocaat van de vader op 30 juni 2014;
- het V6-formulier met bijlage ingediend door de advocaat van de vader op 3 juli 2014;
- het V6-formulier met bijlagen ingediend door de advocaat van de moeder op 17 juli 2014;
- het V6-formulier met bijlagen ingediend door de advocaat van de moeder op 21 juli 2014;
- de ter zitting door mr. Subelack overgelegde en voorgedragen pleitnota.
3.De beoordeling
- bepaald dat [de zoon] zijn hoofdverblijfplaats bij de moeder heeft;
- bepaald dat de vader en [de zoon] in het kader van de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken gerechtigd zijn tot het hebben van contact met elkaar in de ene week van donderdagmiddag na school tot maandag 17.00 uur en in de andere week van donderdagmiddag na school tot en met zaterdag 10.00 uur, alsmede gedurende de helft van de vakanties;
- het verzoek van de moeder tot het verkrijgen van vervangende toestemming om met [de zoon] naar de regio [regio] te verhuizen, afgewezen.
- het recht en belang voor de verhuizende ouder om te verhuizen en de vrijheid om zijn of haar leven opnieuw in te richten;
- de noodzaak om te verhuizen;
- de door de verhuizende ouder geboden alternatieven en maatregelen om de gevolgen van de verhuizing voor de minderjarige en de andere ouder te verzachten en/of te compenseren;
- de mate waarin de verhuizing is doordacht en voorbereid;
- de mate waarin partijen in staat zijn tot onderlinge communicatie en overleg;
- de rechten van de andere ouder en de minderjarige op contact met elkaar in hun vertrouwde omgeving;
- de verdeling van de zorgtaken en de continuïteit van de zorg;
- de extra kosten van de omgang na de verhuizing;
- de belangen van de minderjarige, zijn leeftijd en de mate waarin hij geworteld is in zijn omgeving of juist gewend is aan verhuizingen.