Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[geïntimeerde 1],wonende te [woonplaats],
[geïntimeerde 2],wonende te [woonplaats],
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
In deze civiele zaak stond de regresvordering centraal tussen hoofdelijk aansprakelijke mede-schuldenaren voor door hen betaalde lasten van een camping. Het hof bevestigde dat regres slechts mogelijk is voor betalingen die uit privémiddelen zijn gedaan.
De appellant vorderde regres op twee mede-schuldenaren, waarbij het hof oordeelde dat één mede-schuldenaar meer dan haar aandeel uit privémiddelen had betaald, zodat regres uitsluitend tegen de andere mede-schuldenaar toewijsbaar was. Het hof baseerde zich op bankafschriften en bewijsstukken die aantoonden dat betalingen niet uit de campingopbrengsten maar uit privérekeningen waren gedaan.
De procedure kende meerdere tussenarresten waarin het hof partijen gelegenheid gaf standpunten in te nemen. Uiteindelijk werd het vonnis van de rechtbank bevestigd voor het geschil met de ene mede-schuldenaar en vernietigd voor het geschil met de andere, waarbij het hof opnieuw recht deed en een bedrag van €12.625,99 aan regres toekende. Kostenveroordelingen werden eveneens uitgesproken.
Uitkomst: Regresvordering van appellant wordt toegewezen tegen één mede-schuldenaar tot €12.625,99 en afgewezen tegen de andere mede-schuldenaar.