Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
3.Geschil, alsmede standpunten en conclusies van partijen
4.Gronden
5.Beslissing
- vernietigtde uitspraak van de Rechtbank, behoudens de beslissing omtrent de vergoeding van proceskosten en van het griffierecht;
- verklaarthet bij de Rechtbank ingestelde beroep gegrond;
- vernietigtde uitspraak op bezwaar;
- wijzigtde informatiebeschikking in dier voege dat voor de heffing van omzetbelasting en de heffing van inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen wordt vastgesteld dat voor 2010 respectievelijk 2008 en 2010 niet is voldaan aan de verplichtingen ingevolge artikel 52 van Pro de AWR;
- bepaaltdat belanghebbende alsnog een termijn krijgt om binnen zes weken na het onherroepelijk worden van deze uitspraak te voldoen aan de verplichtingen ingevolge artikel 52 van Pro de AWR voor 2008 en 2010;
- veroordeeltde Inspecteur in de kosten van het geding bij het Hof aan de zijde van belanghebbende vastgesteld op een bedrag van € 974; en
- gelastdat de Inspecteur aan belanghebbende het door deze ter zake van de behandeling van het hoger beroep bij het Hof betaalde griffierecht ten bedrage van € 118 vergoedt.