Uitspraak
s-HERTOGENBOSCH
Gerechtshof 's-Hertogenbosch
De zaak betreft het hoger beroep van de moeder tegen de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant die een machtiging tot uithuisplaatsing van haar zoon heeft verleend. De minderjarige staat sinds augustus 2012 onder toezicht en is uit huis geplaatst vanwege sociaal-emotionele problemen en gedragsproblemen.
De moeder voert aan dat zij meer contact met haar zoon wil om terugplaatsing mogelijk te maken en dat de termijn van uithuisplaatsing te lang is. Zij stelt dat haar situatie stabieler is geworden en dat zij werkt aan herstel van haar problemen. De stichting voert aan dat stabiliteit en duidelijkheid voor het kind essentieel zijn, dat de moeder onvoldoende samenwerkt met hulpverlening en dat het perspectief van het kind voorlopig bij het pleeggezin ligt.
Het hof overweegt dat de moeder op dit moment niet in staat is een veilige en stabiele opvoedingssituatie te bieden en dat terugplaatsing binnen de geldigheidsduur van de machtiging niet verantwoord is. Daarom wordt de beschikking van de rechtbank bekrachtigd en wordt de machtiging tot uithuisplaatsing gehandhaafd voor de oorspronkelijke duur.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de machtiging tot uithuisplaatsing van de minderjarige voor de oorspronkelijke duur.