Uitspraak
GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH
1.[V.O.F.] v.o.f.,gevestigd te [vestigingsplaats 1] ,
Participatiemaatschappij [vestigingsplaats 2] I. B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats 2] ,
[X.] Projectontwikkeling B.V.,gevestigd te [vestigingsplaats 3] ,
Jawel Ontwikkeling B.V.,
PDMS I B.V.,
1.Het geding in eerste aanleg (zaaknummer C/02/253100/HA ZA 12-578)
2.Het geding in hoger beroep
3.De beoordeling
“Indien 1 juli 2012 wel/geen bestemmingswijziging heeft plaatsgevonden;A. Koper verkoopt aan verkoper ( [appellante] ) voor € 94.000,00, alle kosten voor levering zijn voor [V.O.F.]B. Koper en verkoper treden uiterlijk 1 maand voor 1-7-2012 in overleg met elkaar indien er geen zicht is op bestemmingswijziging, dan wel dat er een redelijk zicht is op bestemmingswijziging na 1-7-2012, om eventuele nadere afspraken te maken.C. Koper betaalt restant koopsom € 329.000,-- uiterlijk 1-7-2012 bij bestemmingswijziging naar woningbouw.”Verder vermeldt de overeenkomst dat [appellante] het perceelsgedeelte tot 1 juli 2012 niettegenstaande de levering aan [V.O.F.] om niet kan gebruiken en dat alle kosten voor bestemmingswijziging, inclusief planschadevergoedingen, voor rekening van koper zijn.
“zodra de bestemming van het verkochte onherroepelijk is gewijzigd in woonbestemming, doch uiterlijk één juli tweeduizend twaalf, tenzij koper een beroep doet op na te melden ontbindende voorwaarde” (pagina 3 van de akte). De bepaling over de ontbindende voorwaarde luidt, voor zover relevant (pagina 6 en 7 akte):
“(…) Zoals ik eerder heb aangegeven, hebben wij met en via bouwbedrijf [Aannemingsbedrijf] gezamenlijk een ontwikkeling trachten te realiseren voor de locaties [locatie 1] , [locatie 2] , [locatie 3] en jullie locatie. Zie de bijgevoegde mail van de heer [Aannemingsbedrijf] . Hiervoor hebben wij vanaf 2008 verschillende verkavelingstudies opgesteld en hebben deze met de gemeente besproken. Tevens heb ik die met u besproken. Uiteindelijk wil de gemeente nu nog niet meewerken aan een bestemmingswijziging voor alle genoemde locaties. Zie de bijgevoegde brief van de gemeente, die formeel door het college is ondertekend.De ontbinding is hiermee een feit en ik verzoek u om op korte termijn de leveringsakte te passeren.(…)”
“Op 8 juni 2012 heeft u een gesprek gehad met wethouder [wethouder] van onze gemeente over de ontwikkelingen rond de locatie ten noorden van de [straatnaam] in [woonplaats] , hierna te noemen de locatie [Aannemingsbedrijf] . Tijdens dit overleg heeft u gevraagd naar de stand van zaken van dit woningbouwplan. U gaf aan dat u een optie heeft op het perceel achter huisnummer [huisnummer 1] en u zou graag willen weten wanneer deze percelen ontwikkeld kunnen gaan worden. Tijdens dit gesprek is aangegeven dat door de initiatiefnemer van het plan, de heer [Aannemingsbedrijf] , een schetsplan voor alle percelen tussen de [straatnaam 2] , de [straatnaam] en de begraafplaats is gemaakt. Door de heer [Aannemingsbedrijf] is het noordelijke perceel(hof: het noordelijk gedeelte van genoemd schetsplan, zijnde perceel [locatie 1] , hierna ook genoemd: locatie [Aannemingsbedrijf] )
verder uitgewerkt. Het plan is om hier 44 woningen te realiseren.De kern [woonplaats] heeft enkele grote ontwikkelingslocaties. Op de locaties [locatie 4] en [locatie 5] moet een groot aantal woningen gerealiseerd worden. De gemeenteraad heeft uitgesproken dat zij, naast deze grote plannen, ook ruimte wil geven aan lokale initiatieven. De locatie [Aannemingsbedrijf] is daar een voorbeeld van.In de huidige economische situatie is het niet goed als er teveel woningen ineens op de markt komen. Om dit te voorkomen, is met de heer [Aannemingsbedrijf] afgesproken dat zijn plan in vier fasen ontwikkeld zal worden. Op dit moment is de planning dat de laatste woningen in 2018 gerealiseerd zullen worden.Pas nadat de locatie [Aannemingsbedrijf] gerealiseerd is, kan gestart worden met de ontwikkeling van de overige percelen van de locatie, waaronder de percelen die u in optie heeft. Wij kunnen u dan ook aangeven dat er in ieder geval niet voor 2018 gestart zal worden met de ontwikkeling van de door u aangegeven percelen. Of er op de locatie ooit woningen gerealiseerd kunnen worden en zo ja hoeveel, is op dit moment niet aan te geven. Ook een planning is niet aan te geven, anders dan dat de ontwikkeling pas van start kan gaan nadat de locatie [Aannemingsbedrijf] is afgerond.”