Het gerechtshof 's-Hertogenbosch heeft op 11 december 2014 de beschikking van de rechtbank Limburg bekrachtigd waarbij twee minderjarige kinderen onder toezicht zijn gesteld van een jeugdzorginstantie. De moeder was in hoger beroep gekomen tegen deze ondertoezichtstelling en had de kinderen meegenomen naar Frankrijk.
De moeder voerde aan dat zij consequent en professioneel opvoedde en dat de bedreiging van de ontwikkeling van de kinderen niet aannemelijk was. Zij stelde dat vrijwillige hulpverlening mogelijk was en dat de raad onvoldoende valide onderzoek had gedaan. De raad en de stichting voerden aan dat er meerdere zorgmeldingen waren, waaronder van een Belgisch psycho-medisch centrum, die ernstige zorgen uitten over de veiligheid en ontwikkeling van de kinderen. De vrijwillige hulpverlening was niet van de grond gekomen en de moeder had de hulpverlening bemoeilijkt.
Het hof oordeelde dat de kinderen ernstig in hun ontwikkeling worden bedreigd en dat andere middelen ter afwending hiervan hebben gefaald of zullen falen. Ondanks het vertrek van de moeder met de kinderen naar Frankrijk blijft de ondertoezichtstelling gehandhaafd totdat de zaak is overgedragen aan een Franse jeugdzorginstantie. De beschikking van de rechtbank wordt daarom bekrachtigd.